Transformatie



Ik was een mens als ieder ander
door het contact tussen twee mensen
in het leven geroepen
gemaakt in het lichaam van een vrouw
groot geworden tussen mensen

Ik leerde een deel te zijn
van alles wat bestond en bewoog
een naam te dragen
mij te gedragen zoals dat moet
te voldoen aan anderen
Ik leerde zelfstandig te zijn
wat niet anders is
dan vrijwillige slavernij
Ik werd getuige van de misdaden
het onvermogen, de gebrekkigheid
de pijn en woede van mijn lotgenoten
hun boosheid, hun wens belangrijk te zijn
Ik werd medeplichtig, besmeurd
betrokken in dingen van niets
dwalend op wegen
die nergens heen gaan

Ik werd een rups
vol gegeten met het stof der aarde
Ik vroeg mij af
hoe het verder moest

Ik zag de Gekruisigde
hoog boven het maaiveld verrezen
doodgemarteld
omdat hij te weinig zich had aangepast
Wat moest ik doen?
terug of verder
rups blijven of een vlinder worden?
nog meer deel van alles wat is
of mij transformeren
tot een vliegend wezen?
Stoppen, uitstappen
losmaken, mij verheffen, zweven

Zoals uit het samenzijn van twee mensen
ik eens geboren werd
om een Ik, een rups, te worden
zo kon ik mij transformeren
in het samenzijn met de Gekruisigde
om een Wij, een vlinder, te worden
een hemelbewoner
mij onttrekkend aan de zwaartekracht
zwevend in de lucht
waar het klapnet van de verwachting
niet raken kan

Daar leerde ik God kennen
ook een hemelbewoner
hij van het heelal, ik van de aarde
Ik pakte zijn Geest op
liet mij tot vervoering brengen
duizelingwekkend hoog
en besefte: nu ben ik zalig

Rupsen, mijn vroegere lotgenoten
worden jaloers
zij zouden mij het liefste
vastprikken op een paal
dood laten bloeden aan het leven
Maar sommigen werden mijn vriend
en transformeerden zich
tot metgezellen.

Stephen Boonzaaijer, 10 februari 2010